Richtlijn HIV
Deze pagina is het laatst bewerkt op 13 apr 2011 om 08:54. | Deze pagina is 64.886 maal bekeken.

2.1. Wanneer beginnen?

Uit Richtlijnen HIV

Versie op 13 apr 2011 08:54 van Mtuut (Overleg | bijdragen)
Ga naar: navigatie, zoeken

Samenvatting aanbevelingen

Patiënten met een acute HIV-infectie: zie hoofdstuk 5 (diagnostiek en behandeling primaire HIV-infectie)

Patiënt met HIV-gerelateerde symptomen: CDC klasse B en C

  • Behandeling aanbevolen zonder uitstel;
  • Opportunistische infectie: start cART zo mogelijk binnen 2 weken na de diagnose.
  • Bij actieve tuberculose: zie pagina 116.

Patiënt zonder HIV-gerelateerde symptomen: CDC klasse A

  • CD4 <200 cellen/mm3: behandeling aanbevolen zonder uitstel;
  • CD4 200-350 cellen/mm3: behandeling aanbevolen;
  • CD4 350-500 cellen/mm3: behandeling aanbevolen bij:
    • hepatitis B of C als hiervoor behandeling geïndiceerd is;
    • HIV associated nefropathie (HIVAN).
  • CD4 350-500 cellen/mm3: behandeling valt te overwegen bij;
    • viral load > 100.000 kopieën/mL en/of daling van CD4 > 50-100 cellen/mm3/jaar;
    • leeftijd boven 50 jaar;
    • hoog cardiovasculair risico (Framinghame of SCORE);
    • maligniteit.
  • CD4 > 500 cellen/mm3: behandeling wordt niet aanbevolen tenzij er sprake is van tenminste 2 factoren genoemd onder CD4 350-500 cellen/mm3

cART = combinatie antiretrovirale therapie


Voor start van therapie:

  • Twee maal CD4 aantal meten

Onderbouwing wanneer starten

Deze pagina is vastgesteld op 31 augustus 2010 en verlengd op 14 december 2010. Een tekstuele aanpassing is gedaan op 13 april 2011.