Richtlijn HIV
Deze pagina is het laatst bewerkt op 4 apr 2017 om 14:47. | Deze pagina is 10.393 maal bekeken.

2.4. Richtlijn anti-retrovirale therapie bij voorbehandelde patiënten

Uit Richtlijnen HIV

Ga naar: navigatie, zoeken

De werkgroep verwijst hierbij naar de Amerikaanse richtlijnen (zie pagina H1: Management of the treatment-experienced patient).

Tenofoviralafenamide (TAF)

Tenofoviralafenamide (TAF) is beschikbaar gekomen. Deze tenofovir formulering geeft minder nefrotoxiciteit en leidt tot minder daling van de botdichtheid vergeleken met tenofovirdisoproxil fumarate (TDF). Qua invloed op LDL-serumspiegels is het profiel van TAF iets ongunstiger vergeleken met TDF. Er zijn (nog) geen directe vergelijkingen tussen TAF en andere TDF-vrije regimes, zoals combinaties met abacavir/lamivudine of met regimes met 1 NRTI.

Switch naar of start met een TDF-vrij regime worden geadviseerd bij:

  • Patiënten met een significante nierfunctie achteruitgang of een verhoogd risico hierop (bv. diabetes mellitus met micro-albuminurie) en /of GFR < 60 ml/min.
  • Patiënten met osteoporose of een verhoogd risico op osteoporotische fracturen (bv. op basis van FRAX score)

Gezien de ongunstige invloed van TAF op de serum LDL-waarde is uitgebreide cardiovasculaire co-morbiditeit of diabetes mellitus een relatieve contra-indicatie voor TAF
TAF kan beschouwd worden als een gelijkwaardig alternatief voor TDF in de behandeling van hepatitis B co-infectie.


De historie van deze pagina vindt u hier.